Grounding bij asielzoekers met psychische problemen binnen AZC Schalkhaar

18 november 2020

 

Het is zo’n dag. Mohammed komt zijn medicatie niet op halen. Op goede dagen is hij altijd op tijd. Mohammed komt uit Sierra Leone, hij is hier alleen naar toe gekomen na bedreigd te zijn door mensen uit een zogenaamde secret society (een soort sekte). Zijn vader is er door toedoen van deze society overleden. Zijn moeder kon de zorg voor hem daarna niet meer aan, waardoor Mohammed is vertrokken. Via Libië heeft hij de boot richting Italië genomen. Hij heeft eerst mee kunnen rijden met een mensensmokkelaar, deze heeft hem in Libië verkocht. Hij heeft daar een tijd moeten werken, woonde op straat en is voor een tijd in de gevangenis beland.

Op onbekende wijze heeft hij weten te ontsnappen uit de gevangenis en via via is hij op een boot richting Italië terecht gekomen. Niet iedereen uit de boot heeft het overleefd. Hij heeft meerdere mensen zien verdrinken. In Italië heeft een man op het AZC hem aangesproken en hem aangeboden hem te helpen. Mohammed is hierop in gegaan. Echter bij aankomst in het huis van de man, werd hij opgesloten. Avonden achter elkaar werd hij bezocht door meerdere mannen en misbruikt. Na een aantal weken heeft hij daar kunnen ontsnappen en is hij doorgereisd naar Nederland.

Op deze ochtend klop ik voorzichtig op de deur van Mohammed. Meestal schrikt hij erg wanneer we hem hard roepen. Hij heeft tijd nodig om zich te oriënteren. Ik ga zijn kamer binnen, doe de gordijnen open, noem zachtjes zijn naam. Ik kniel naast zijn bed. Hij schrikt wakker, kijkt mij met grote ogen aan. Ik zeg hem wie ik ben, welke dag het is, hoe laat het is. Angstig kijkt hij om zich heen. Ik help hem benoemen wat hij in de kamer ziet. Ik vraag hem welke kleur ogen ik heb. “Blue….”, er verschijnt een glimlach op zijn gezicht. Ik geef hem de tijd om wakker te worden en te douchen en nodig hem uit om daarna zijn medicatie op te halen en een wandeling te maken. Met 30 min. komt hij bij kantoor. Hij kijkt nog enigszins angstig uit zijn ogen. Hij heeft een slechte nacht gehad. Dromen en belevingen over het misbruik hebben de overhand en het kost Mohammed moeite om in het hier en nu te blijven. We wandelen richting het bos. Ik geef enige ruimte om te spreken over de nacht, waarna ik de aandacht richt op wat we nu om ons heen zien. De huizen, de bomen, de koeien. We praten over het verschil van de natuur hier en in Sierra Leone. Gaande weg richten we ons op goede herinneringen van toen.  Ik nodig hem uit om bij de activiteiten erover te tekenen of een collage te maken.

We lopen langs een paar bomen, samen onderzoeken we de textuur, de kleur, de geur. We luisteren naar de wind en de vogels. Alle zintuigen worden open gezet.  Hij geeft aan zich beter te voelen. We herhalen dit geregeld, zodat hij dit zelf ook meer kan gaan doen. Een week later komt hij naar mij toe en laat mij een collage zien, met natuur uit zijn eigen land. En een grote Nederlandse vlag. Deze hangt hij in zijn kamer om zich te herinneren aan de mooie dingen en waar hij is. Vol trots kijkt hij mij aan. Ik glimlach en samen kiezen we een mooi plekje uit op zijn kamer.

Bovenstaand is een klein voorbeeld van grounding die wij toepassen bij gevluchte mensen met een traumatisch verleden, een traumatische vlucht en een nog onzekere situatie. Mensen verkeren in een liminele fase. Een tussenfase. Waarin ze hun huis en haard, hun cultuur achter hebben moeten laten en waar ze nog geen integratie en stabiliteit hebben in het nieuwe land. Door goede herinneringen op te halen, goede aspecten te benadrukken van thuis én zich te oriënteren in het hier en nu, krijgen mensen meer grond onder hun voeten. En zijn ze in staat zich (iets) beter te handhaven in een zeer onzekere en afhankelijke periode in hun leven.

Mocht je meer willen weten over Transculturele zorgverlening. Neem gerust een keer contact met ons op.

Je kunt mij mailen: Daphne van den Broeke, d.vandenbroeke@dimence.nl

Of maak een afspraak om een keer mee te kijken. Tel: 06-51751392